Posts tonen met het label Robert de Niro. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Robert de Niro. Alle posts tonen

vrijdag 30 december 2016

De Vijf Slechtste Films van 2016...

Tussen al het fraais dat de Nederlandse bioscopen haalde zaten helaas ook een aantal titels die beter niet uitgebracht hadden kunnen worden, maar helaas door snode geesten in de distributiebranche toch een bioscooprelease gegund werd. Mij viel de twijfelachtige eer ten deel om het vijftal cinematische drollen hieronder aan te zien, hetzij omdat ik er een recensie over moest schrijven (altijd leuk, gif spuien over een waardeloos gedrocht), hetzij omdat ik in een sadomasochistische of domweg onwetende bui verkeerde. Mensen met ook maar een greintje smaak kunnen deze beschouwing voor hun eigen gemoedsrust beter in zijn geheel overslaan, maar diegenen die zich interesseren voor mijn eigen bescheiden mening treffen hieronder de vijf grootste zeperds van het jaar 2016 aan. Links laten liggen is het devies.




5: Ben-Hur (Timur Bekmambetov, VS)

'Die onsterfelijke klassieker uit 1959 is nodig toe aan een remake, teneinde de blijde boodschap van het gospel wederom onder de massa te verspreiden', dacht de Evangelische producent LightWorks. Oei, dachten ze dat fout! Deze herbewerking van het elf Oscars winnende epos van weleer voegt absoluut niets toe aan het origineel en deed niets dat de vorige film niet beter deed. Hoewel de Here Christus meer schermtijd heeft gekregen (en dit keer bovendien Zijn gezicht herkenbaar in beeld wordt gebracht, zodat we kunnen zien dat het dezelfde acteur is als die kwade keizer vol bling-bling uit 300) is de speelduur vergeleken met de superieure versie amper half zo lang. Beknibbeld is er niet op de zeeslag en de wagenrennen, die er nog acceptabel uitzien ondanks het te hoge digitale gehalte. Wel is er opmerkelijk minder geld gestoken in het scenario en de personages, die plompverloren door de Antieke Wereld slenteren en een steevast fletse indruk maken. Zelfs Morgan Freeman tilt de film niet naar een hoger plan, en dat is beangstigend (hij speelde weliswaar God in Bruce Almighty, maar Gods zegen rust geenszins op dit wanproduct). Niet verrassend vloog deze peperdure productie aan de box-office net zo hard uit de bocht als de bad guy tijdens de wagenrennen.




4: The Sea of Trees (Gus van Sant, VS)

Maar liefst twee films over het intrigerende Japanse 'zelfmoordbos' Aokigahara bereikten ons dit jaar. De ene, The Forest, was een matige thriller met die rondborstige chick uit Game of Thrones. De andere, The Sea of Trees, was zo mogelijk nog slechter. Het betreft een serieus drama van een gerespecteerd regisseur, maar dat is de film nergens aan te zien. Het plot is zowel magertjes als voorspelbaar en blijkt een onsamenhangende mix van Oosterse mystiek, Westerse religie, schaamteloos melodrama en weinig enerverende thriller. Matthew McConaughey kijkt constant verveeld om zich heen op zoek naar een niet te vinden uitdaging voor zijn talent, terwijl Ken Watanabe eens te meer zijn status bevestigt ziet als de enige Japanner die Hollywood kent. Erg jammer, want uit het gegeven van een daadwerkelijk bestaand bos waar men massaal zelfmoord pleegt moet toch een fascinerender film dan dit te distilleren zijn?




3: The 9th Life of Louis Drax (Alexandre Aja, VS/Canada)

Met Horns leverde Aja een geinig en bizar allegaartje op. Met The 9th Life of Louis Drax probeert hij dat kunstje te herhalen, maar het wil niet lukken. De film is een tenenkrommend rommeltje. Absurdistische humor wordt geforceerd gepaard met weinig indrukwekkende spanning rond een zeemonster, overgoten met een ridicuul verpleegsterromannetjesplot waarin de onrealistisch sexy dokter (die vieze zweepjesman uit Fifty Shades of Grey) er met de fraaie moeder van het in coma liggende jonge slachtoffer uit de titel vandoor gaat. Plotwendingen in overvloed, maar ofwel komen ze niet als verrassing of ze zijn te belachelijk voor woorden. Dat de film tegen het einde toe opeens een opvallend serieuze lading omtrent een controversieel maatschappelijk thema krijgt, maakt de kijker vooral boos. De film is te veel in conflict met zichzelf en zwiept alle kanten uit, maar geen enkele richting blijkt de juiste.




2: Shut In (Farren Blackburn, Canada/Frankrijk)

In contrast met de vorige prutfilm, die te veel surprises behelst staat deze irritant conservatieve horrorfilm, die bovenal geen verrassingen lijkt te willen omvatten. Het plot is van begin tot einde een oefening in voorspelbaarheid, waardoor ook de schrikmomenten één voor één doodvallen. En daaraan wordt een topactrice als Naomi Watts schaamteloos verspild. Erg jammer, en bovendien is Shut In exemplarisch voor de staat van het horrorgenre in 2016, waarbij vooral de saaie, 'been there, done that' titels een release kregen en vernieuwende verrassingen als The Witch en Bone Tomahawk direct naar VOD-kanalen verbannen werden.


1: Dirty Grandpa (Dan Mazer, VS)

Het dieptepunt van 2016 is gelijk ook het dieptepunt in de lange loopbaan van de haast legendarische Robert de Niro. In deze pijnlijk onleuke poging tot hilariteit speelt hij de titelfiguur, een oude gluiperd die eigenlijk alleen maar seks met veel jongere meisjes wil hebben en daarvoor zijn relatie met zijn kleinzoon misbruikt. Vervolgens worden we onderworpen aan een eindeloze reeks grappen over ofwel drugs of seks, of allebei tegelijk. Kan iemand mij uitleggen wat er grappig is aan Zac Efron (zijn aanwezigheid is sowieso altijd al een indicatie dat we beter een andere komedie kunnen opzoeken) die De Niro's geslachtsorgaan in zijn gezicht geduwd krijgt? De Niro had waarschijnlijk een welkome afwisseling van de diverse zware drama's die zijn carrière rijk is voor ogen, maar zet zichzelf compleet voor schut en sleept anderen, zoals de ontegenzeggelijk komisch talentvolle Aubrey Plaza, mee in deze beerput van slechte smaak en Amerikaanse seksuele onzekerheden. Plaatsvervangende schaamte regeert tijdens de hele speelduur van dit abominabele misbaksel. Ik zie een hele hoop Razzies in het verschiet van dit verwerpelijke gedrocht...

zaterdag 20 februari 2016

Today's Review: Dirty Grandpa



Another review up for FilmTotaal:

Dirty Grandpa - recensie

I had a tough time sitting this one out in the press screening, for the simplest of reasons: it was bad. Real bad. Mind you, with a title like 'Dirty Grandpa', one would not have expected it to be much good to begin with, but this is a whole new level of badness. There simply are no redeeming features present.

First things first, there are hardly any sympathetic characters. The titular old man is a horny pervert obsessed with getting laid and leading his son astray in a whirlwind of sex, drugs and general illicit behavior. The grandson is a wimpy control freak, set to marry a total bitch. On the way to Spring Break in Florida, they meet a bunch of co-eds, including a seemingly nice girl who we know the grandson ought to hook up with immediately, but who ends up stealing his money in her first scene. Her best friend is a total slut. Not to belittle female sexuality by using this word, but there simply are no other denominations as apt as this one. Add some drug dealers, corrupt police officers and loads of partying college kids who only want to get wasted and laid, and there you have the cast of Dirty Grandpa. You'll find it a real challenge to care about any of these people.


What movie buffs would care about, is veteran actor Robert de Niro's career. Sure, he's done plenty of dramatic roles so he's entitled to have a little fun every now and then. But his audience, save for people who truly are cursed with a total lack of a sense of humor, simply won't enjoy Dirty Grandpa with him. This is just not a funny, well written or empathetic character. This old horndog has just lost his dear wife of 40 years and his first reaction is to go out and screw nubile young women. In the process, he wrecks his grandson's impending marriage (bad match though it may have been) and constantly humiliates his sexuality and belittles his character during their little road trip. This is nothing to laugh at, it's morally reprehensible. And even if this set-up would allow for some comedic potential, it's utterly wasted on an uninterrupted stream of genital jokes. There's not a single conversation between any two characters in this flick that doesn't involve 'cocks', 'asses' or other rampant assorted swearing just for the sake of swearing. Needless to say, it grows tiresome swiftly. Not to mention it's all talk and no action, save for a gratuitous shot of Efron being facially confronted with his grandfather's penis (obviously a rubber item). But when it gets down to it, the sex is tame and prudish. Or are you telling me American women really do keep their underwear on during intercourse?

Question remains, why did Robert de Niro - or any of the actors and actresses involved for that matter, since they're all making total fools of themselves, and of us for watching their disgusting antics - opt to play this part? The script was obviously terrible from the get-go. Sure, there probably was some monetary compensation involved, but I do like to think an actor of his stature isn't so down on his luck he has no choice but to accept any and all projects, no matter hoe feeble, that come his way? Maybe he's just telling his fans to go screw themselves, tired of his fabled reputation and the pressure that comes with it. I don't know what his motivation was, but the result surely won't bring happiness to many audiences. Dirty Grandpa truly has nothing to enjoy. Okay, maybe Zac Efron's bare body for his fan base. But nothing else for sure.

dinsdag 18 maart 2014

Today's (Semi)Review: American Hustle

Wrote this one as an informative piece for Filmhuis Alkmaar, but since at this point it's the question whether this title will make it for release in that arthouse-theater for various reasons, I might as well post it here on my blog, and save me the effort of writing it again in English (though in that case it would have been longer and more detailed). Considering it's kind of a puff piece and there's no room for exploring the movie's downsides - you want to entice people to go see the movie by pretending there's nothing to hold against it after all; you're basically performing a con yourself, so to speak - I can't honestly describe it as the most balanced of reviews. That said, I found little to be wrong with this movie, save for the ending which, like most movies dealing with hustles and con artists, typically leaves something to be desired in terms of credibility. We're led to believe the situation is what it is, until it suddenly makes a 180 degree turn and things happen to fit together quite differently, stretching the limits of how much we're willing to swallow. However, the strong personalities and terrific performances of the cast, coupled with delicious production design and gorgeous costumes and make-up, make it all the more acceptable for us to be conned as hard as we turn out to be. American Hustle is worth checking out on those accounts alone.




American Hustle: ****/*****, or 8/10

'Sommige van het volgende is echt gebeurd', is de boodschap waarmee American Hustle opent. Het is zoveel eerlijkheid als je gaat krijgen van regisseur David O'Russell (The Fighter, Silver Linings Playbook), die geen overdreven historisch accurate pretenties koestert in deze bewerking van de FBI's Abscam-operatie aan het einde van de jaren zeventig. Voor dit luchtige misdaad-drama bewijst O'Russell eens te meer een uiterst bekwaam acteursregisseur te zijn, die het beste uit zijn hoofdrolspelers haalt om zijn verhaal over de oplichterspraktijken van hun personages te vertellen. Zijn alle acteurs immers niet bedriegers?

American Hustle vertelt over het duo 'con artists' Irving Rosenfeld (Christian Bale) en Sydney Prosser (Amy Adams) die na een mislukte poging tot fraude door FBI-agent Richie DiMaso (Bradley Cooper) ingezet worden in een heimelijke operatie om mogelijk corrupte politici uit de tent te lokken. Een neppe zakendeal met een Arabische sjeik die wil investeren in Amerikaanse projecten moet beelden vastleggen van burgemeesters en senatoren die smeergeld aannemen en zo als omkoopbaar aan de kaak gesteld kunnen worden. Het is een gewaagd plan dat Irving en Sydney slechts onder dreiging met een gevangenisstraf kunnen aannemen. Onder druk van het onvoorspelbare gedrag van Irvings vrouw Rosalyn (Jennifer Lawrence) en zijn onverwachte vriendschap met hun eerste slachtoffer, de energieke burgemeester Polito (Jeremy Renner) van Atlantic City, wordt de zwendel steeds uitgebreider en moeilijker in toom te houden. Als vervolgens ook nog de maffia bij het stiekeme schandaal betrokken raakt heeft de operatie zo'n grootscheepse omvang aangenomen dat het onmogelijk lijkt het geheel nog tot een goed einde te brengen. Kunnen Irving en Sydney zich het vege lijf nog redden in deze schijnbaar totaal uit de hand gelopen situatie?



O'Russell begreep wel dat hij een sterk staaltje geschiedenis in handen had dat door zijn publiek met een flinke korrel zout genomen zou worden. Het maakte hem er slechts vastberadener op American Hustle te serveren als een sterk verhaal dat de kijker diverse keren op het verkeerde been zet, met een juiste balans tussen drama en humor om de bizarre aspecten van de Abscam-zeepbel te onderstrepen. Zijn grootste troef blijkt echter zijn fabuleuze acteursensemble dat elkaar bijkans van het scherm af probeert te spelen in veelal geïmproviseerde scènes, waarin ze het meer van hun gevoel als begenadigde acteurs moesten hebben dan van een script dat hun dialoog netjes op een rijtje zette. De acteurs en hun personages vullen elkaar uitstekend aan, met Bale als de ervaren maar voorzichtige oplichter met overgewicht; Adams als zijn partner-in-crime en stiekeme liefde van zijn leven; Lawrence als het secreet van een echtgenote, volstrekt egocentrisch en onverantwoordelijk: Cooper als de gedreven maar overambitieuze FBI-agent; en Renner als de sympathieke en gepassioneerde burgemeester met maffiabanden. Dat Bale, Adams, Lawrence en Cooper allen beloond werden met een Oscarnominatie blijkt geheel terecht en bewijst dat ze O'Russells beproeving moeiteloos doorstaan hebben. Het sublieme acteerwerk maakt de film een feest om naar te kijken.




Het sterke spel van zijn acteurs is niet het enige dat American Hustle tot een valse maar toch geslaagde cinematische vertelling van het Abscam-schandaal maakt. O'Russell doet de late jaren zeventig ook voortreffelijk herleven dankzij het visueel schitterende productiedesign. Ook hier vormen de acteurs het stralend middelpunt dankzij de nauwgezette reconstructie van de uitgebreide mode en weelderige haarstijl uit die periode. Maar ook de tijdsgeest waarin zij vertoeven, de auto's en technologie van weleer, wordt met de nodige flair nieuw leven ingeblazen, en weet zich daarbij gesteund door een hippe soundtrack die met een vette knipoog naar het Amerika van destijds refereert. Het geheel sleurt de kijker volledig mee in de deceptie, maar de relativerende humor die het absurdistische van het schandaal onderschrijft zorgt er doeltreffend voor dat de toeschouwer gepaste afstand houdt met het wel en wee van de oneerlijke personages als hun zwendel op een gevaarlijk kookpunt dreigt af te stevenen. Hoe grotesker de uitkomst, hoe leuker voor ons.

O'Russell maakt er geen groot geheim van dat hij ons diverse keren op het verkeerde spoor zet en ons bedriegt door het niet zo nauw te nemen met de historische feiten. Zijn hervertelling van de Abscam-operatie is letterlijk zowel te bizar als te mooi om waar te zijn, maar met een prachtig eindresultaat als American Hustle maken we daar geen enkel moment bezwaar tegen.


zaterdag 4 februari 2012

Stardust




Rating: ****/*****, or 8/10

Een sprookje zonder franchise-ambities

Dankzij het succes van de Lord of the Rings en Harry Potter reeksen is de interesse voor het fantasy-genre weer helemaal terug van weggeweest, na in de jaren negentig grotendeels afwezig te zijn gebleven. Aangezien het wapengekletter en getover van beide grootse franchises vele miljoenen oplevert dicteert de hebzuchtige marktstrategie van Hollywood dat er meer van hetzelfde stramien gemaakt moet worden om maar zoveel mogelijk winst uit het genre te persen. Tot dusverre heeft deze tactiek echter nog geen boeiende films opgeleverd, met het beschamend slechte Eragon als voorlopig dieptepunt. Die film had studio Fox een nieuwe blockbuster-reeks moeten opleveren, maar na deze flop valt dat (gelukkig!) te vergeten. Over een paar maanden is het de beurt aan The Golden Compass om het op fantasie beluste publiek opnieuw te bekoren en hopelijk een kassucces te worden, of Eragon te volgen in de bodemloze put der vergetelheid.

Te midden van alle beslissende slagen tussen Goed en Kwaad in verbluffend mooi vormgegeven fantastische landschappen vol merkwaardige digitale wezens die de recente golf aan fantasy-films ons voorschotelt vergeten we bijna dat het ook anders kan. Gelukkig is er nu Stardust om ons hieraan te herinneren. Dit keer geen overdreven episch verhaal of overdaad aan peperdure effecten, maar een bescheiden relaas over een verlegen jongeman die, om het hart van zijn geliefde te winnen, in een magische wereld terechtkomt en daar zijn ware aard ontdekt. Het geheel is voorzien van een aanstekelijk humoristische toon die in het merendeel van het fantasy-genre ontbreekt en impliceert dat dit sprookje, ondanks enkele wijze levenslessen die het behelst, niet al te serieus genomen hoeft te worden.


Tristan Thorn (de heerlijk naïeve Charlie Cox) groeit op in het dorpje Wall, dat, zoals de naam al aangeeft, gekenmerkt wordt door een muur; een gat hierin zou een portaal naar een magisch koninkrijk vormen. Om de liefde van het hooghartige verwende kreng Victoria (Sienna Miller) te verkrijgen betreedt Tristan de toverachtige wereld, op zoek naar een gevallen ster om aan haar te doneren in ruil voor haar hand. Echter, de ster blijkt een wonderschone dame genaamd Yvaine (Claire Danes schittert als dit hemels lichaam), die geenszins van sprake is een huwelijkspresentje te worden en veel liever terugkeert naar het firmament waar ze vandaan kwam. Op de vlucht voor de boosaardige heks Lamia (Michelle Pfeiffer, die zich zichtbaar kostelijk amuseert als de kwade feeks) die Yvaines hart nodig heeft om haar jeugd terug te krijgen, moet het duo samenwerken, wat uiteraard leidt tot Tristans herziene kijk op liefde en Yvaines inzicht dat een menselijk leven met de juiste persoon zo slecht nog niet is.

De zaak wordt gecompliceerd als de arrogante prins Septimus (een overtuigend sinistere Mark Strong) ook op de ster blijkt te jagen, die hem zal helpen de troon van zijn vader over te nemen, als hij de competitie met zijn broers overleeft. De oude koning (prima kleine rol voor fossiel Peter O'Toole) zag graag dat zijn zoons elkaar afmaakten in hun strijd om de heerschappij, waar Septimus in uitblonk, maar hij moet ook het kroonjuweel zien te bemachtigen dat Yvaine uit de lucht haalde en zij nu om haar nek draagt. Uiteraard belanden Tristan en Yvaine op hun vlucht in de ene na de andere fantastische belevenis, met als hoogtepunt een treffen met de alom gevreesde luchtpiraat kapitein Shakespeare (Robert de Niro, eindelijk weer in een rol die wel in het geheugen blijft hangen, zij het om andere redenen dan we van hem gewend zijn) die er een geheim nichterig leven op nahoudt.



In regie van de talentvolle Matthew Vaughn ontwikkelt Stardust zich tot een heerlijk sprookje dat zich niet bezighoudt met Grote Zaken en epische queestes waarvan het fantasy-genre zich recentelijk al te vaak bedient. Vaughn toont zich een kundig regisseur, wat opmerkelijk is aangezien dit slechts zijn tweede film is. Het is Stardust echter niet aan te zien, want de film kan zich ondanks zijn redelijk lage budget moeiteloos meten met de meeste grote blockbusters van de laatste jaren. Desondanks laat Stardust ook hier en daar een steekje vallen en zijn de visuele effecten niet altijd even vlekkeloos, maar door het amusante verhaal, het prima acteerwerk en de kostelijke humor is dat snel vergeven. Vooral dat laatste aspect is een openbaring, want het werd node gemist in het genre tot dusverre. De humor in Stardust neemt bij vlagen satirische vormen aan, spelend met de bekende weg in het genre door overdreven variaties op de heks, de prins en dergelijke archetypen neer te zetten, zonder de typische glans van een sprookje te verliezen.

Stardust is een bekoorlijke vertelling uit het rijk der fantasie voor jong en oud dat de heden ten dage heersende conventies van het genre op de hak neemt zoals het al even geslaagde The Princess Bride dat twintig jaar eerder deed. De film laat zien dat een grootscheepse, overdadige aanpak niet noodzakelijk is om een fantasy-film die een wijd publiek aan moet spreken te vervaardigen. En waar teveel andere genrefilms (zoals het eerder genoemde Eragon en het al even deplorabele The Chronicles of Narnia) de laatste tijd overduidelijke franchise-aspiraties hebben en slechts dienen als opstapje voor een hele reeks soortgelijke meuk om in te haken op recent succes binnen dit genre, laat Stardust blijken daar geen behoefte aan te hebben door in twee uur tijd een prima afgerond verhaal te vertellen dat duidelijk geen vervolg zal krijgen en dat bovendien niet nodig heeft. Hopelijk neemt Hollywood Vaughns boodschap aan en richt ze zich minder op product-marketing en meer op inhoud, dan volgt dat gewenste succes ongetwijfeld later wel.